Toespraak tijdens de 82e Herdenking van de bijdrage
van de 1ste Poolse Onafhankelijke Parachutistenbrigade aan Operatie Market Garden
door de ambassadeur van de Republiek Polen op 19 september 2026 te Driel.
Minister Yeşilgöz, Excellenties, Familieleden van generaal Sosabowski, Geachte Gasten, Beste Vrienden,
Het is voor mij een groot genoegen en een bijzondere eer om vandaag samen met u hier te mogen zijn als ambassadeur van de Republiek Polen.
Ik moet toegeven dat mijn aanwezigheid vandaag hier in Driel voor mij een bijzondere betekenis heeft. De afgelopen vier jaar had ik het voorrecht om aan deze herdenkingen deel te nemen. Jaar na jaar ben ik naar deze plek teruggekeerd, en telkens weer word ik eraan herinnerd dat Driel niet zomaar een plaats is waar de geschiedenis zich heeft afgespeeld.
Het is een plek waar de geschiedenis nog altijd voortleeft — omdat zij levend wordt gehouden door de mensen die haar nooit zijn vergeten.
En dat is precies waar ik het vandaag over wil hebben: over herinnering, over vriendschap en over de mensen die ervoor zorgen dat deze geschiedenis levendig en tastbaar blijft.
Hier, op het Polenplein, voel ik een overweldigende emotie. Tweeëntachtig jaar geleden, in september 1944, sprongen de Poolse parachutisten van de 1ste Poolse Onafhankelijke Parachutistenbrigade onder leiding van hun commandant generaal Stanisław Sosabowski midden in het hart van het oorlogsgeweld.
Ze vochten moedig, schouder aan schouder met hun Britse strijdmakkers. Decennialang bleef hun heldhaftigheid gehuld in een pijnlijk stilzwijgen en viel er een onrechtvaardige schaduw over de naam van de Generaal.
Na de oorlog moest de Generaal als gewone fabrieksarbeider werken, vergeten door de grootmachten van die tijd.
Toch sprak hij, ondanks dit historische onrecht, tegen het einde van zijn leven in 1967 woorden die diep in ons hart weerklank vinden:
“Ik heb geen spijt van wat ik in mijn leven heb meegemaakt. En als mij gevraagd zou worden het opnieuw te doorstaan, zou ik geen moment aarzelen.”
Deze woorden onthullen de grootheid van een man die nooit zijn waardigheid of zijn toewijding aan zijn vaderland heeft verloren. Want de waarheid heeft een buitengewone kracht — zij vindt altijd haar weg naar het licht. Ik wil me rechtstreeks richten tot de geweldige inwoners van Driel die hier vandaag bijeen zijn gekomen. Toen onze soldaten hier in 1944 landden, gewond en afgesneden van hun kameraden, openden jullie je harten en huizen voor hen. Jullie grootste daad van moed en loyaliteit eindigde niet toen de wapens stil werden.
Decennialang, toen de rest van de wereld ervoor koos om te zwijgen, hebben jullie, de inwoners van Driel, de waarheid fel bewaakt. Jullie gaven de verhalen over de Poolse moed door: ouders aan kinderen en kinderen aan kleinkinderen. Polen zal nooit vergeten dat onze helden, toen hun elders gerechtigheid werd ontzegd, een blijvende plek vonden in jullie harten.
Deze langverwachte gerechtigheid is de verdienste van mensen met een werkelijk groot hart. Vandaag gaat mijn diepste dankbaarheid uit naar degenen dankzij wie de herinnering aan onze soldaten bewaard is gebleven:
Naar Cora Baltussen, wier onvermoeibare strijd van tientallen jaren voor de waarheid in 2009 een historische bekroning vond, toen Koningin Beatrix de Brigade en de Generaal eerde met de hoogste militaire onderscheidingen.
Naar de Britse veteranen, Sir Brian Urquhart en Major Tony Hibbert, die samen met de inwoners van Driel dit monument oprichtten — een blijvend symbool van de overwinning van rechtvaardigheid op vergetelheid.
Naar Arno Baltussen en Frank Boeijen van de Stichting Driel-Polen, evenals Ronnie Weijers van het Airborne Museum, voor hun bijzondere passie en vriendschap, die ervoor zorgen dat deze geschiedenis blijft voortleven in de harten van jongere generaties.
Naar de vertegenwoordigers van de Nederlandse overheid — voormalig minister-president Dick Schoof en de burgemeesters van Overbetuwe, Renkum, Arnhem en Ede wier toegewijde inspanningen ertoe hebben geleid dat de Poolse soldaten eindelijk de erkenning kregen die zij verdienden.
En aan de Britse regering, die vorig jaar eindelijk officieel de moed en toewijding van Generaal Sosabowski en zijn troepen heeft erkend.
Dit jaar had ik de bijzondere eer om, namens de minister van Buitenlandse Zaken van de Republiek Polen, deze burgemeesters de eervolle onderscheiding Bene Merito te mogen uitreiken. Met deze medailles wilde Polen een eenvoudige boodschap overbrengen: wij herinneren ons wat u voor ons heeft gedaan, en wij zijn u daarvoor zeer dankbaar.
En tot slot gaat mijn dank uit naar professor Hal Sosabowski, de kleinzoon van de Generaal, die deze prachtige familietraditie met grenzeloze trots en liefde bewaart en koestert.
De aanwezigheid van minister Dilan Yeşilgöz vandaag in Driel is voor ons een grote eer. Haar presentie hier is niet alleen een eerbetoon aan degenen die op deze grond hebben gestreden.
Het is ook een krachtig symbool van de blijvende band tussen onze twee landen. Polen en Nederland stonden in het verleden zij aan zij. Vandaag staan we opnieuw samen. En we weten hoe cruciaal die eenheid is, zeker in de uitdagende tijden waarin we leven.
Toch is het verhaal van Driel nooit uitsluitend een Pools-Nederlands verhaal geweest. Het is evenzeer een Pools-Brits verhaal. Poolse soldaten vochten hier zij aan zij met Britse troepen, en vandaag brengen wij hulde aan die gezamenlijke strijd en wederzijdse opoffering. De samenwerking tussen Polen, Nederland en Groot-Brittannië om deze geschiedenis levend te houden is iets dat wij als bijzonder waardevol moeten koesteren. Want herinnering is het sterkst wanneer zij wordt gedeeld. Nog vorig jaar waren wij hier getuige van een andere belangrijke mijlpaal.
De onthulling van de Britse herdenkingsplaquette was een betekenisvol gebaar van erkenning van de bijdrage en moed van de Poolse parachutisten.
Ik was bijzonder ontroerd dat dit juist hier in Driel plaatsvond — een plek waar Poolse soldaten al generaties lang met dankbaarheid worden herdacht. In mijn optiek vertellen het bestaande monument van de Generaal en de nieuwe Britse plaquette samen een belangrijk verhaal: dat we de geschiedenis kunnen herzien, dat recht kan worden hersteld en dat vriendschap tussen landen ons daarbij de weg kan wijzen.
Toen ik vier jaar geleden als ambassadeur in Driel aankwam, kende ik de geschiedenis van Operatie Market Garden alleen uit de boeken. Vandaag, na jaren van ontmoetingen en gedeelde emotionele momenten, ben ik iets veel belangrijkers gaan begrijpen.
Ik besef nu dat de herinnering aan Driel niet alleen door monumenten wordt beschermd. Zij wordt door jullie levend gehouden — door jullie herinneringen, jullie dankbaarheid en onze onverbrekelijke Pools-Nederlands-Britse vriendschap.
Dank u wel.
Thank you very much.
